Ode aan de CRT beeldbuis

televisieDankzij de ouderwetse beeldbuis konden we vanuit ons huis live de wereld zien en konden we werken met thuiscomputers. Maar de meeste apparaten met een beeldbuis zullen de komende 10 jaar vervangen worden door nieuwe, platte schermen.

Natuurkunde

TV op straat
TV op straat

De beeldbuis was een mooie praktische toepassing van de theorie die je bij het vak Natuurkunde leerde, over elektronen en hoe ze zich laten beïnvloeden door elektrische en magnetische velden. Ik ben benieuwd hoe kinderen deze principes in de toekomst zullen gaan snappen, als crt’s er niet meer zijn.

Zwart-wit

Het begon allemaal met de zwart-wit beeldbuis. Als kind heb ik veel tijd daarvoor doorgebracht. Op een zwart-wit tv zat voor elke zender een aparte knop: wij konden naar 5 verschillende zenders kijken, want de onderste knop deed het niet meer.

Als je echt veel te lang tv gekeken had, dan ging je zelfs in dat zwart-wit beeld kleurtjes zien.

Ik heb eens in een speelhal op zo’n „arcade” spel gespeeld, waarin een zwart-wit beeldbuis zat, maar waar er binnenin stroken gekleurd plakband overheen geplakt waren om toch een beetje het idee van een gekleurd beeld te geven.

Kleurentelevisie

Wij waren thuis vrij laat aan de kleurentelevisie: de prijs was intussen gedaald naar 3.000 gulden (1.361) voor een 65 cm toestel — in die tijd was dat groot. Dit was de versie met Teletekst. In dezelfde familie maakte Philips dit toestel in nog 2 andere uitvoeringen: een versie zonder Teletekst (700 gulden goedkoper) en een versie met niet alleen Teletekst, maar ook Viditel (1.000 gulden duurder).

Teletekst was nog zo nieuw dat op elke nieuwspagina in die tijd bovenaan „ProefTT” en onderaan de tekst „dit is nieuws uit september 1978” stond.

Computerschermen

Dit kan je je tegenwoordig niet meer voorstellen: hoe langer de nagloeitijd van het scherm was hoe beter, want dit gaf een rustiger beeld. In die tijd waren monitoren geschikt voor maar één of een paar vaste frequenties. Op mijn eerste pc zat ik te turen in een 13 inch Philips BM 7513 monitor.

Computerschermen waren altijd veel duurder dan televisies. De eerste homecomputers (zoals mijn Sinclair computers) sloot je normaal gesproken aan op een televisie, om ze zo goedkoop mogelijk te houden.

Bij de latere opkomst van de pc hoorde ook de opkomst van de („digitale”) computermonitor. Dit was eigenlijk een stap terug in de tijd vergeleken bij de tv: je begon weer met een klein, monochroom scherm. De eerste computermonitoren gaven een groen beeld, als je iets meer geld te besteden had kon je ook een scherm nemen met amberkleurig beeld.

Toen de pc begon in te burgeren, werd het „paperwhite” scherm populair. Spelletjes in kleur bestonden al wel, maar kleurenschermen waren nog te duur: in kleur kon je alleen op de dure cad computer op het werk of op de universiteit spelen. Als oplossing hiervoor kwamen er Hercules videokaart klonen die het kleurenbeeld in grijstinten konden weergeven op een zwart-wit monitor. Had je een snelle at, dan kon dat ook met een programmaatje. Later werden ineens kleurenmonitoren ook betaalbaar voor thuis.

Gevaar

Maar behalve met de goede dingen heb ik beeldbuizen ook altijd met „gevaar” geassocieerd:

  • De hoogspanning die nodig was om ze te laten werken;
  • het feit dat ze vacuüm zijn en dus kunnen imploderen;
  • en de Röntgenstraling die van het apparaat komt.

Om kosten te besparen was vroeger in een televisie het chassis met de 220 Volt netspanning verbonden. In die tijd was het daarom ook niet normaal dat een tv veel externe aansluitingen had.

Wat betreft de hoogspanning geldt: schroef het apparaat niet open, dan heb je daar in elk geval geen last van. In (intussen ook alweer wat oudere) lcd tv’s en in laptops werd trouwens nog steeds hoogspanning gebruikt voor het beeldscherm: dat is namelijk nodig voor het type lamp dat achter een lcd scherm zat.

In de jaren ’60 was de beeldbuis bij televisies een ontzettend gevaarlijk onderdeel: wanneer er door een ongelukje iets aan de voorkant tegen de beeldbuis viel, zodat de beeldbuis implodeerde, dan lag de hele huiskamer onder de glasscherven (zie bijvoorbeeld het fragment in de film Naqoyqatsi 1:10:23-1:10:33). Sommige resten glas bleven zelfs een stuk in de muur steken.

Oorspronkelijk beveiligden fabrikanten hun televisies met een extra glasplaat voor de beeldbuis (op YouTube vind je filmpjes waarin je hobbyisten zo’n glasplaat ziet vervangen als ze een antieke tv opknappen). Totdat: iemand de „integral implosion protection” uitvond. Het was geen kostbare oplossing, maar juist een doodsimpele stalen band rond de grootste omtrek van het glas van de beeldbuis, die er voor bleek te zorgen dat bij een ontploffing praktisch alle glassplinters zelfs binnen het apparaat zelf bleven.

Voor het probleem van de ontsnappende Röntgenstraling is voor zover ik weet nooit een oplossing gevonden. Het glas van een beeldbuis bevat veel lood en dat moet de straling enigszins tegenhouden.

Een klassiek brandgevaar zijn „televisies van bejaarden”. Deze apparaten zitten vol met huisstof (zoals alle oude huizen en oude apparaten) en ze worden de hele dag gebruikt, ze worden dus flink warm.

Er bestond een bepaalde serie tv’s waarin een elco een negatieve spanning kreeg wanneer de tv in stand-by stond. Elco’s kunnen daar niet zo goed tegen en binnenin gaat zich gas vormen. Omdat het maar een heel kleine negatieve spanning was was de kans klein dat de elco ontploft, maar uiteindelijk is het toch bij een aantal consumenten gebeurd, met als kettingreactie brand tot gevolg.

Kwaliteit

Fail!De afgelopen tientallen jaren was er nauwelijks meer verschil in kwaliteit van beeldbuizen: er waren maar een paar producenten van beeldbuizen op aarde, die leveren aan alle fabrikanten van televisies en monitoren. Het verschil tussen televisies en monitoren van de verschillende merken zat hem vooral in de kwaliteit van de overige elektronica, maar ook voor een deel in niet-materiële zaken zoals het ontwerp van de schakeling, de kwaliteit van de montage en vooral niet te vergeten: de kwaliteit van de afregeling van het eindproduct.

Normaal gesproken slijt een beeldbuis nauwelijks en je kan het heel lang van tevoren zien aankomen voordat hij versleten is. Er zijn natuurlijk uitzonderingen. Een ramp was bijvoorbeeld een serie Philips breedbeeldtelevisies die in Polen geproduceerd werd. Philips had daar duidelijk het productieproces en/of de Polen niet in de hand: bij een groot aantal tv’s moest binnen een paar jaar de beeldbuis al vervangen worden en ook andere dure onderdelen in deze toestellen gingen veel te snel kapot.

Je vindt er nog heel veel berichten over op consumenten forums, zoals Radar. Het enige aanbod dat Philips deed was een losse nieuwe beeldbuis te leveren voor 350 exclusief inbouwkosten. Je zou verwachten dat er veel protest van bedrogen klanten zou komen, maar uiteindelijk is het allemaal met een sisser afgelopen.

Recycling

De oude beeldbuizen bevatten een hoeveelheid lood en andere giftige stoffen en ze moeten milieuvriendelijk gerecycled worden. Zolang er nog oude crt’s bestaan ontwikkelt deze recycling-techniek zich verder. Op YouTube zie je hoe dat tegenwoordig gebeurt:

Advertenties

Vertel jouw mening

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s